Mijn explorerende grondhouding
Ik stel vast dat mijn explorerende grondhouding niet meer is wat het vroeger was. Ik zou terug een beetje meer mijn best moeten doen om al mijn zintuigen echt wel intens in te zetten en hier ook meer over nadenken. Ik ben wel nieuwsgierig maar ik merk dat ik de laatste jaren alles gewoon doorloop en onderga zonder al te veel stil te staan bij de dingen die gebeuren en dat ik te weinig vragen stel hierbij.
Ik maak natuurlijk wel gebruik van mijn zintuigen maar dit is toch nog voor verbetering vatbaar. Dit kan nog intenser.
Wanneer ik kijk naar het criteriablad voor de explorerende grondhouding kom ik tot volgende punten die ik al doe:
- ik kan gedetailleerd waarnemen.
- Ik kan spontaan vertellen wat ik vroeger al eens heb meegemaakt met dit materiaal, mijn voorkeur, ...
- Aan mijn lichaamstaal kan je zien hoe ik mij erbij voel wanneer ik het materiaal ontmoet en exploreer.
- Ik toon bezieling, enthousiasme, verwondering, bewondering, respect, begrip,... tijdens het exploreren.
De volgende punten zijn werkpunten voor mij. Ik wil hier zeker aan werken om me deze dingen eigen te maken. Ik zou dit spontaan willen inzetten zonder daar nog bij te moeten nadenken.
- Ik moet meer spontaan contact zoeken met materialen uit mijn omgeving.
- Ik zou mijn zintuigen intenser moeten inzetten.
- Ik moet mijn zintuigervaringen en gevoelsindrukken bij een eerste contact met het materiaal spontaan verwoorden.
- Ik moet leren om spontaan onderzoeksvragen en leervragen te stellen over het materiaal.
- Ik moet meer spontaan exploreren en niet alleen opdrachtgericht.
- Ik moet gebruik maken van hulpmaterialen en onderzoeksmaterialen om zelf meer eigenschappen en mogelijkheden te ontdekken over het onderwerp.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten